Persbericht over symposium “Arts en Oorlog ”  

Ter gelegenheid van het 40 jarig bestaan van de Nederlandse vereniging voor gezondheidszorg en vredesvraagstukken  

 

11 oktober 2009  

Met een druk bezocht symposium vierde de Nederlandse vereniging voor gezondheidszorg en vredesvraagstukken op zaterdag 10 oktober haar 40 jarig bestaan. De vereniging werd in 1969 opgericht om de aandacht te vestigen op de zinloosheid van het werk van een arts (en andere gezondheidswerkers) na een kernoorlog, dat preventie van zo een oorlog noodzakelijk maakte.

De vereniging heeft nu haar aandachtsveld verbreed, zoals door historicus Leo van Bergen werd uiteengezet in zijn inleiding over de dilemma’s die samengaan met de rol van de arts, niet alleen als helper maar ook als medeplichtige, soms zelfs bij de uitvoering van oorlogsmisdaden. Maar waren dit echt medische monsters, zo vroeg hij het publiek, of waren zij in ieder geval deels door de oorlogsomstandigheden tot hun daden gekomen?    

              vlnr. Herman Spanjaard,Leov.Bergen, AukevdHeide, Peter Buijs       

 

                           Jan Hoekema

 

Vanzelfsprekend wordt door de vereniging nog steeds een taaie strijd gevoerd voor nucleaire ontwapening,  een strijd die door de oproepen van president Obama voor nucleaire ontwapening een nieuwe stimulans heeft gekregen.  Er zijn immers, zoals NVMP-voorzitter Herman Spanjaard constateerde in zijn inleiding,  nog steeds meer dan 20.000 kernwapens opgesteld die indien ingezet de wereld in een paar uur kunnen vernietigen.

Ook het einde van de Koude Oorlog twintig jaar geleden heeft hierin geen wezenlijke verandering gebracht. Dat constateerde burgemeester van Wassenaar Jan Hoekema, lid van het duizenden leden omvattende internationale netwerk Mayors for Peace. Hij zei: “We leven nog steeds met het kernwapen.” Het is  “de kunst is om nu de sprong te maken naar een wereld met nul kernwapens.”  “Kernwapens uitbannen is niet onmogelijk” stelde hij. 

Diezelfde wereld herbergt echter nieuwe gevaren voor de mensheid en daarmee ook nieuwe dilemma’s voor artsen en verpleegkundigen. Die zijn immers betrokken bij zowel noodhulp  als de structurele hulpverlening aan ontwikkelingslanden. Aan dat hulpapparaat kleven veel problemen, vertelde freelance journalist Linda Polman die een uiteenzetting gaf over de inhoud van haar boek over het onderwerp, De Crisiskaravaan.  Daarin doet ze verslag van de vele problemen rondom die hulp, die al te vaak bij de verkeerde mensen terechtkomt.  “Voor de ontvangers zijn het geld en de hulpgoederen een industrie. Hulp in oorlogsgebieden wordt ook gebruikt om soldaten te voeden” legde ze uit en benadrukte de cruciale rol van de media in die industrie. “Met de hulp hebben we een monster geschapen”, zei ze.

            

Godelieve van Heteren                                    Linda Polman, Godelieve van Heteren, Peter Buijs

Met die kritiek was voormalig Cordaid directeur Godelieve van Heteren het deels eens. Maar ze pleitte voor een structurele en preventieve aanpak:  “De huidige tijd moet het begin markeren van een systeem van global health care”, buiten de bestaande conflicten om.  

De artsen Auke vd Heijde en Lisette Luykx gaven vanuit hun ervaringen in de tropen  

wen eigen invulling van de meegemaakte dilemma's.  

Lisette Luykx en Edwin Bakker (instituut Clingendael)

Contactpersoon: Herman Spanjaard 06 546 458 28  

Hans van Iterson  

NVMP-office  

hviterson@nvmp.org